NEN 8078+A1
Vervangt
NEN 8078:2004NEN 8078:2017 Ontw.NEN 8078:2018

NEN 8078 geeft eisen en bepalingsmethoden voor een gebouwgebonden voorziening voor gas, in bestaande bouwsituaties, met een werkdruk tot en met 500 mbar (0,05 MPa).

NEN 8078+A1
NEN 1078
Vervangt
NEN 1078:2004 nlNEN 1078:2017 Ontw. nl

NEN 1078 geeft eisen en beproevingssmethoden voor een gebouwgebonden voorziening voor gas met een werkdruk tot en met 500 mbar (0,05 MPa). Deze norm is bedoeld om te worden toegepast voor een voorziening voor gas die is ingericht voor het gebruik van geodoriseerde gassen uit de tweede en derde familie volgens hoofdstuk 4 van NEN-EN 437; in Nederland zullen dat zijn voor de tweede familie: aardgas en voor de derde familie: de flessengassoorten butaan en propaan. De norm is ook van toepassing voor industriële processen tot ten hoogste 500 mbar volgens het Besluit gastoestellen, mits een risicoanalyse wordt uitgevoerd.

NEN 1078
NEN 2757-1
Vervangt
NEN 2757-1:2011 nl

Deze norm geeft bepalingsmethoden voor voorzieningen voor de afvoer van rookgas waarmee bepaald kan worden: - voor welke toestellen de capaciteit van de voorziening voor de afvoer van rookgas geschikt is; - de geschiktheid van de capaciteit van de voorziening voor de afvoer van rookgas voor een bepaald toestel op een bepaalde opstelplaats.

NEN 2757-1
NEN 2757-2
Vervangt
NEN 2757-2:2005 nl

Deze norm geeft bepalingsmethoden voor voorzieningen voor de afvoer van rookgas van gebouwgebonden installaties bestaande uit een of meer verbrandingstoestellen opgesteld in één ruimte, met een gezamenlijke nominale belasting groter dan 130 kW, maar niet groter dan 2500 kW en met een verticale bovendakse uitmonding.

NEN 2757-2
NEN 3028
Vervangt
NEN 3028:2011 nlNEN 3028:2015 Ontw. nl

NEN 3028 geeft eisen te stellen aan het ontwerpen, aanleggen en opstellen van zowel gebouwgebonden als industriële verbrandingsinstallaties, welke worden gestookt met vaste, vloeibare of gasvormige brandstoffen, uit de tweede en derde familie volgens NEN-EN 437. Noodvoorzieningen worden eveneens hieronder begrepen.

NEN 3028
NEN 8757
Vervangt
NEN 8757:1998 2e Ontw. nl

Deze norm geeft bepalingsmethoden voor voorzieningen voor de afvoer van rook waarmee kan worden bepaald: - voor welke toestellen de capaciteit van de voorziening voor de afvoer van rook geschikt is; - de geschiktheid van de capaciteit van de voorziening voor de afvoer van rook voor een bepaald toestel op een bepaalde opstelplaats.

NEN 8757
NEN-EN 15001-1
Vervangt
NEN 2078:2001 nlNEN-EN 15001-1:2009 2e Ontw. en

NEN-EN 15001 specificeert gedetailleerde functionele eisen voor ontwerp, keuze van materialen, constructie, inspectie en beproeving van industriële gasinstallatieleidingen en -assemblages met een bedrijfsdruk hoger dan 0,5 bar. En niet-industriële gasinstallatieleidingen (voor woon- en commerciele doeleinden) met een bedrijfsdruk hoger dan 5 bar in gebouwen, beginnend bij de uitlaat van het overdrachtspunt van de netbeheerder tot de inlaatverbinding van het gastoestel; normaal de inlaatafsluiter. NEN-EN 15001 dekt ook de inlaatverbinding van het gastoestel die bestaat uit leidingwerk dat niet binnen het toepassingsgebied van de norm van het desbetreffende toestel valt. De termen installatie en leidingwerk zijn uitwisselbaar. NEN-EN 15001-1 bevat gedetailleerde functionele eisen voor het ontwerp, materialen, constructie, inspectie en beproeving. Met de vertaling en publicatie van NEN-EN 15001-1 wordt NEN 2078 ‘Eisen voor industriële gasinstallaties’ ingetrokken. Onderwerpen uit NEN 2078 die niet terugkomen in NEN-EN 15001 deel 1 of 2, worden ondergebracht in andere normen of praktijkrichtlijnen. Het Bouwbesluit 2012 regelt dat een voorziening voor gas (indien zo een voorziening geïnstalleerd wordt) moet voldoen aan NEN-EN 15001-1. Bij een bestaande gasvoorziening met een hogere werkdruk dan 0,5 bar geldt de uitgave van NEN 2078 uit 1987. Deze Europese norm specificeert gedetailleerde functionele eisen voor ontwerp, keuze van materialen, constructie, inspectie en beproeving van - industriële gasinstallatieleidingen en -assemblages met een bedrijfsdruk hoger dan 0,5 bar, en - niet-industriële gasinstallatieleidingen (voor woon- en commerciële doeleinden) met een bedrijfsdruk hoger dan 5 bar in gebouwen, beginnend bij de uitlaat van het overdrachtspunt van de netbeheerder tot de inlaatverbinding van het gastoestel; normaal de inlaatafsluiter. Deze norm dekt ook de inlaatverbinding van het gastoestel die bestaat uit leidingwerk dat niet binnen het toepassingsgebied van de norm van het desbetreffende toestel valt. OPMERKING De termen installatie en leidingwerk zijn uitwisselbaar. Deze norm is van toepassing op gasinstallaties die werken bij omgevingstemperaturen tussen -20 °C en 40 °C en bedrijfsdrukken tot en met 60 bar. Voor bedrijfsomstandigheden buiten deze begrenzingen, behoort aanvullend EN 13480 voor metalen leidingwerk te worden geraadpleegd. Voor industriële gasinstallaties tot en met 0,5 bar en voor niet-industriële gasinstallaties (voor woon- en commerciële doeleinden) tot en met 5 bar in gebouwen is EN 1775 van toepassing. Voor gasinstallaties die niet binnen het onderwerp en toepassingsgebied van EN 1775 of andere Europese normen vallen, is deze norm van toepassing. In deze norm heeft de term ‘gas’ betrekking op brandbare gassen, die gasvormig zijn bij 15 °C en 1 013 mbar absolute atmosferische druk (normale omstandigheden). Deze gassen worden gewoonlijk genoemd stadsgas, aardgas of vloeibaar gas (LPG). Ook worden ze weergegeven als eerste-, tweede- of derdefamiliegassen (zie tabel 1 van EN 437:2003). De gegeven waarden worden beschouwd als normale omstandigheden voor alle volumes die in deze norm zijn weergegeven.

NEN-EN 15001-1
NEN-EN 15001-2
Vervangt
NEN 2078:2001 nlNEN-EN 15001-2:2008 2e Ontw. en

NEN-EN 15001 specificeert gedetailleerde functionele eisen voor ontwerp, keuze van materialen, constructie, inspectie en beproeving van industriële gasinstallatieleidingen en -assemblages met een bedrijfsdruk hoger dan 0,5 bar. En niet-industriële gasinstallatieleidingen (voor woon- en commerciële doeleinden) met een bedrijfsdruk hoger dan 5 bar in gebouwen, beginnend bij de uitlaat van het overdrachtspunt van de netbeheerder tot de inlaatverbinding van het gastoestel; normaal de inlaatafsluiter. NEN-EN 15001 dekt ook de inlaatverbinding van het gastoestel die bestaat uit leidingwerk dat niet binnen het toepassingsgebied van de norm van het desbetreffende toestel valt. De termen installatie en leidingwerk zijn uitwisselbaar. NEN-EN 15001-1 bevat gedetailleerde functionele eisen voor het ontwerp, materialen, constructie, inspectie en beproeving. Met de vertaling en publicatie van NEN-EN 15001-1 wordt NEN 2078 ‘Eisen voor industriële gasinstallaties’ ingetrokken. Onderwerpen uit NEN 2078 die niet terugkomen in NEN-EN 15001 deel 1 of 2, worden ondergebracht in andere normen of praktijkrichtlijnen.Het Bouwbesluit 2012 regelt dat een voorziening voor gas (indien zo´n voorziening geïnstalleerd wordt) moet voldoen aan NEN-EN 15001-1. Bij een bestaande gasvoorziening met een hogere werkdruk dan 0,5 bar geldt de uitgave van NEN 2078 uit 1987.

NEN-EN 15001-2